[{"@context":"https:\/\/schema.org\/","@type":"Article","@id":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/de-levensloop-van-vincent\/#Article","mainEntityOfPage":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/de-levensloop-van-vincent\/","headline":"De levensloop van Vincent (van 1853 tot 1883)","name":"De levensloop van Vincent (van 1853 tot 1883)","description":"De eerste 30 jaar van het leven van Vincent Het is interessant om uit te zoeken wanneer precies&hellip;","datePublished":"2025-02-14","dateModified":"2026-10-06","author":{"@type":"Person","@id":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/over-mij\/#Person","name":"Jan Bakker","url":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/over-mij\/","identifier":2,"image":{"@type":"ImageObject","@id":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/litespeed\/avatar\/a260cfa8aafa15e66319bb385b001774.jpg?ver=1791716235","url":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/litespeed\/avatar\/a260cfa8aafa15e66319bb385b001774.jpg?ver=1791716235","height":96,"width":96}},"publisher":{"@type":"Organization","name":"Jan Bakker WebTeksten","logo":{"@type":"ImageObject","@id":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/logo1@2x.png","url":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/logo1@2x.png","width":215,"height":44}},"image":{"@type":"ImageObject","@id":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/uploads\/2025\/02\/Bloembedden-van-Vincent_van_Gogh.avif","url":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/wp-content\/uploads\/2025\/02\/Bloembedden-van-Vincent_van_Gogh.avif","height":600,"width":1200},"url":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/de-levensloop-van-vincent\/","about":["Vincent van Gogh"],"wordCount":4680,"articleBody":"De eerste 30 jaar van het leven van VincentHet is interessant om uit te zoeken wanneer precies en via wie Vincent zijn eerste opdracht kreeg om codes in zijn werken te gaan aanbrengen. Daartoe heb ik hieronder de levensloop van Vincent samengesteld, tot het moment (Nuenen, december 1883) dat de eerste belangrijke codes in zijn kunstwerken verschenen.30 maart 1853 &#8211; geboorte VincentDe levensloop van Vincent begon op 30 maart 1853, toen Vincent Willem van Gogh werd geboren. Dit was precies een jaar nadat moeder en vader Van Gogh met een doodgeboren zoontje werden geconfronteerd. Dit jongetje heette ook Vincent. De geboorteplaats van \u201conze\u201d Vincent was het Brabantse dorp Groot-Zundert, waar vader Van Gogh predikant was voor de Nederlands-Hervormde gemeente. Daar, in de domineeswoning, zag Vincent het levenslicht.1 mei 1857 &#8211; geboorte TheoOp 1 mei 1857 werd Theo geboren. Vincent en zijn broer zouden hun hele leven nauw met elkaar verbonden blijven. Dat uitte zich onder meer in een uitvoerige briefwisseling. Vanaf het moment dat hij kunstenaar werd, stuurde Vincent zijn meeste schilderijen en tekeningen naar Theo, die ze als kunsthandelaar probeerde ze te verkopen. Maar er is ook een aantal werken dat men expliciet binnen de familie wilde houden.januari tot november 1861 &#8211; dorpsschoolVincent zat van januari tot november 1861 op de dorpsschool in Zundert. Daar moest hij al snel weer af, naar het schijnt omdat de boerenjongens uit het dorp een slechte invloed op zijn leven uitoefenden.december 1861 tot september 1864 &#8211; thuis-onderwijsDe dorpsschool maakte plaats voor thuis-onderwijs door Vincents vader en een gouvernante. Dat was Anna Birnie, dochter van de kunstschilder en tekenaar Steven Birnie. Op deze manier genoot Vincent in alle rust thuis van priv\u00e9lessen zodat hij de (pestende?) boerenjongens kon ontlopen. Er zijn aanwijzingen dat Anna Birnie ook tekenles aan Vincent gaf. Wellicht heeft zij daarmee als een van de eersten zijn artistieke talent aangewakkerd.Tegelijkertijd kan het doordringende gepest dat Vincent voorheen ten deel was gevallen, geleid hebben tot een trauma waaruit zich depressieve ziektes ontwikkelden.oktober 1864 tot september 1866 &#8211; priv\u00e9kostschoolIn 1864 werd Vincent naar de protestantse kostschool van Jan Provily in Zevenbergen gestuurd. Hij bleek goed te zijn in Frans, Duits en Engels. Vincent verbleef er tot september 1866 maar vond dat hij er weinig leerde, zoals uit enkele van zijn latere brieven blijkt.september 1866 tot maart 1868 &#8211; Rijks-HBS TilburgVincent was in deze periode leerling aan de Rijks-HBS Koning Willem II in Tilburg. In die tijd was dat de enige HBS in heel Brabant. Het leren ging hem goed af, maar toch verliet hij in maart 1868 vroegtijdig de school. De reden hiervan is niet bekend. Het moet te maken hebben gehad met iets in het leven van Vincent dat anderen niet aanstond.maart 1868 tot juli 1869 &#8211; bij zijn oudersNa de HBS te hebben verlaten, ging hij bij zijn ouders in Groot-Zundert wonen. Daar is ongetwijfeld over de levensloop van Vincent gesproken, waarbij ook zijn oom Vincent van Gogh (oom Cent) betrokken was. Deze broer van zijn vader was van beroep kunsthandelaar en getrouwd met de zus (Cornelia Carbentus) van de moeder van Vincent (Anna Cornelia Carbentus).1869 &#8211; de eerste verdiensten binnen de levensloop van VincentIn 1869 werd Vincent aangesteld tot jongste bediende (c.q. leerling kunsthandelaar) bij de Haagse vestiging van de Franse kunsthandel Goupil &amp; Cie. Die aanstelling kwam tot stand op voorspraak van zijn oom Cent, die medevennoot in de firma was. Zijn aanvangssalaris was 30 gulden per maand. Zijn chef was H.G. Tersteeg.1871 &#8211; HelvoirtNadat de vader van Vincent op 5 februari 1871 ge\u00efnstalleerd was als dominee in Helvoirt, verhuisde het gezin van Groot-Zundert naar dit Brabantse dorp in de omgeving van Vught. Het gezin betrok de domineeswoning aan de Torenstraat 47 in Helvoirt (zie foto hieronder). Vincents broer Theo werd ingeschreven voor de Franse school in Oisterwijk. De 15-jarige Theo liep elke schooldag 7 km naar Oisterwijk en na schooltijd weer 7 kilometer terug.zomer 1872 &#8211; Vincent verliefdIn de periode dat Vincent in Den Haag woonde (1869-1873), onderhield hij contacten met de familie Haanebeek, die in de verte verwant was aan de familie Van Gogh. Naar verluidt werd hij verliefd op Caroline Haanebeek en hij deed haar zelfs een huwelijksaanzoek. Vincents liefde voor Caroline werd echter niet door haar beantwoord. Zij zag in die tijd Willem Jacob van Stockum, met wie zij in 1873 zou trouwen. Voor haar was Vincent dus duidelijk niet de ware jacob&#8230;29 september 1872 &#8211; eerste brief VincentVincent schreef zijn eerste brief aan zijn broer Theo, die hem in augustus in Den Haag was komen opzoeken. Het was het begin van een bijna onafgebroken briefwisseling, die tot het eind van het leven van Vincent zou duren. In de eerste brief wordt duidelijk dat beide broers al op de hoogte moeten zijn geweest van de Edict-code van Kasteel Geldrop. Vincent codeerde er onder meer zijn onmogelijke liefde voor Caroline Haanebeek in.januari 1873 &#8211; Theo naar BrusselOom Cent droeg Vincents broer Theo voor om te werken bij het Brusselse filiaal van kunsthandel Goupil &amp; Cie, waar hij inderdaad werd aangenomen.juni 1873 &#8211; Vincent naar LondenVincent bezocht zijn ouders in Helvoirt en ging daarna een paar dagen naar Parijs, onder meer om het Louvre te bezoeken. Dit gebeurde vlak voordat hij naar Engeland vertrok, omdat hij was overgeplaatst naar het Londense filiaal van Goupil &amp; Cie.zomer 1873 &#8211; de eerste mentale crisis in de levensloop van VincentVanwege zijn werk in Londen verbleef Vincent vanaf augustus 1873 in het pension van mevrouw Ursula Loyer. Hij werd daar smoorverliefd op Ursula\u2019s dochter Eugenie. Nadat hij haar een huwelijksaanzoek had gedaan, bleek zij al verloofd te zijn. Zijn wanhopige pogingen om toch tot haar door te dringen leverden geen resultaat op, waarna Vincent in een diepe crisis belandde.november 1873 &#8211; Theo naar Den HaagVincents broer Theo werd van het Brusselse filiaal overgeplaatst naar het filiaal van Goupil &amp; Cie in Den Haag.voorjaar 1874 &#8211; vakantie in HelvoirtOp 30 april en op 16 juni 1874 schrijft Vincent vanuit Londen een brief aan Theo. Daartussenin is geen correspondentie van Vincent bekend. Misschien omdat Vincent deels op vakantie in Nederland was (zie hierna). Opmerkelijk is dat hij het in zijn brief van 30 april heeft over een &#8220;jeune fille \u00e0 l&#8217;\u00e9p\u00e9e&#8221; (een werk van Gustave Jacquet &#8211; 1846-1909). Op zijn schilderij &#8220;De Aardappeleters&#8221; van april\/mei 1885 komt deze verwijzing in code terug. In de brief van 30 april zegt hij enkele dagen naar Holland te zullen gaan. Dat gebeurde ook en hij bracht enkele vakantiedagen door bij zijn ouders in Helvoirt. Hij leed nog steeds onder zijn mislukte liefdesavontuur met Eugenie en gaf dat aan zijn ouders als verklaring voor zijn depressiviteit.half juni 1874 &#8211; terug naar LondenVincent ging terug naar Londen, ditmaal in gezelschap van zijn zus Anna. Zij kreeg ook een kamer in het pension van mrs. Loyer. Hij zonderde zich veel af, naar het schijnt om in het geheim Nederlandstalige bijbelverzen te vertalen naar het Frans, Duits en Engels. Niet lang na hun aankomst verhuisden Vincent en Anna naar een ander pension: dat van John Parker aan Kennington Road 395 in Londen. Anna vond snel werk als onderwijzeres op een meisjesschool, waarop zij naar het plaatsje Welwyn in Hertfordshire verhuisde.oktober 1874 &#8211; Vincent naar ParijsOom Cent was begaan met de psychische situatie waarin Vincent verkeerde en zorgde ervoor dat hij werd overgeplaatst naar het Parijse filiaal van Goupil &amp; Cie. Hij deed dat in de hoop dat Vincents verdriet daardoor op de achtergrond zou raken. In Parijs woonde Vincent in de wijk Montmartre, waar hij een kamer deelde met Harry Gladwell, wiens vader een kunstgalerie had in Londen. Hij bezocht regelmatig musea en galeries, waarbij hij voor het eerst de boerentaferelen van Jean-Fran\u00e7ois Millet en Jules Breton aanschouwde.december 1874 &#8211; Vincent weer terug naar LondenHet plannetje van oom Cent bleek niet te werken. Ook in Parijs ontkwam Vincent niet aan zijn neerslachtigheid, zodat hij door zijn superieuren terug werd gestuurd naar het Londense filiaal van Goupil &amp; Cie.25 december 1874 &#8211; Kerstmis in HelvoirtVincent bracht de kerstdagen door bij zijn ouders in Helvoirt. Het hele gezin was aanwezig, behalve zijn zus Anna, die de Kerst doorbracht in Engeland.januari tot mei 1875 &#8211; toch weer LondenNa zijn kerstvakantie in Helvoirt vertrok Vincent opnieuw naar Londen vanwege zijn werk bij kunsthandel Goupil &amp; Cie. Kennelijk was hij tevreden met het pension van de familie Parker, want hij trok daar weer in. Hoewel zijn neerslachtigheid enigszins was afgenomen, bleef hij een slecht humeur houden. Daarover schreef althans zijn zus Anna, die af en toe bij haar broer op bezoek kwam.mei 1875 &#8211; definitief ParijsHalf mei 1875 werd Vincent definitief overgeplaatst naar de Parijse vestiging van Goupil &amp; Cie. Hij kreeg een soort proeftijd van twee maanden, waarna werd bepaald dat hij voorlopig mocht blijven. Maar eigenlijk wilde hij wat anders gaan doen. Uit nogal zwaarmoedige brieven aan zijn ouders bleek dat hij genoeg had van de kunsthandel. Hij verwaarloosde dan ook zijn werk en gedroeg zich vervelend naar zijn collega\u2019s toe.oktober 1875 &#8211; EttenDe vader van Vincent werd in Etten benoemd tot predikant van de Nederlands Hervormde Gemeente. Het gezin verhuisde vervolgens van Helvoirt naar de pastorie aan de Roosendaalseweg 4 in Etten. Dit gebouw bestaat niet meer. Er rest nog wel een tekening van (detail zie onder). Etten lag ten westen van Breda en zo\u2019n 15 kilometer ten noorden van Vincents geboorteplaats Groot-Zundert.25 december 1875 &#8211; Kerstmis in EttenDe verstandhouding tussen Vincent en zijn Parijse werkgever verslechterde verder toen hij zonder verlofdagen op te nemen de kerstdagen doorbracht bij zijn ouders in Etten.1 apil 1876 &#8211; Vincent nam zelf ontslagIn april 1876 bleek dat Vincent niet door \u00e9\u00e9n deur kon met een van de Franse partners van Goupil (L\u00e9on Boussod). Hij moest \u2013 mede vanwege zijn ongepaste houding naar collega\u2019s en klanten \u2013 vrezen voor ontslag. Om dat voor te zijn, nam hij zelf het initiatief om op te stappen.april tot juni 1876 &#8211; naar Ramsgate bij LondenNa een kort bezoek aan zijn ouders in Etten reisde Vincent naar het Engelse dorp Ramsgate. Hij vond daar snel werk bij dominee William Port Stokes, die hem echter geen salaris kon bieden. Op de priv\u00e9school van dominee Stokes gaf Vincent les in onder andere rekenen. In ruil hiervoor ontving hij kost en inwoning.juli tot december 1876 &#8211; eerste preek in IsleworthIn juli verplaatste dominee Stokes zijn school naar Isleworth, aan de rand van Londen. Omdat hij nog steeds geen salaris had, zocht Vincent naarstig naar betaald werk. Dat vond hij bij de methodistische predikant Thomas Slade-Jones, die eveneens in Isleworth werkte. Daar mocht hij in november 1876 zijn eerste preek houden. In deze periode bezocht hij regelmatig musea, waaruit zijn belangstelling voor bijvoorbeeld Rembrandt, Da Vinci en Van Holbein bleek.25 december 1876 &#8211; ommekeer met Kerstmis in EttenEind december 1876 ging Vincent vanwege Kerstmis op bezoek bij zijn ouders in Etten. Die schrokken enorm van de slechte lichamelijke en geestelijke toestand waarin hun zoon verkeerde. Met enige moeite temperden zij Vincents verlangen om zich de rest van zijn leven aan de evangelisatie van de armen te wijden. Bovendien haalden zij hem met succes over om in Nederland te blijven en om niet terug te reizen naar Londen.januari tot mei 1877 &#8211; werk in boekhandel DordrechtOom Cent was Vincent nog steeds welgezind en regelde een baan voor hem als winkelbediende bij boekhandel Bluss\u00e9 &amp; Van Braam in Dordrecht. Vincent vond onderdak in het pension van de familie Rijken. Hoewel hij nu inkomsten had, bleef hij dromen van een baan als dominee. Mede daarom gebruikte hij zijn vrije tijd om Nederlandse bijbelteksten te vertalen naar de talen die hij machtig was: Frans, Duits en Engels.mei 1877 tot juni 1878 &#8211; AmsterdamMet behulp van een vriend uit het pension in Dordrecht (P.C. G\u00f6rlitz) wist Vincent zijn vader te overtuigen van zijn kerkelijke roeping. Vincent ging vervolgens naar Amsterdam om zich voor te bereiden op het toelatingsexamen voor de theologische opleiding. Van dr. Mendes da Costa en zijn neef kreeg hij lessen in Grieks, Latijn en wiskunde. Hij logeerde op de Marinewerf, waar zijn oom Jan (Johannes van Gogh, broer van zijn vader) directeur was. Vincent hield het echter niet vol omdat hij het allemaal te moeilijk vond en brak zijn studie af. Wel bouwde Vincent in deze periode een goede band met zijn oom op, wat hem op kennisgebied later vaak van pas zou komen.Als hij niet aan het studeren was, bracht hij vaak bezoeken aan de boek- en kunsthandel van zijn oom Cor, een andere broer van zijn vader (Cornelis Marinus van Gogh, 1824-1908), aan de Keizersgracht 453. Ook had Vincent regelmatig contact met Christoffel Martinus Vos, sinds 1872 de echtgenoot van Kee Vos. Nadat haar man op 27 oktober 1878 overleed, kwam Kee alleen te staan en werd hij in de zomer van 1881 verliefd op haar (zie aldaar).juli 1878 &#8211; cursus in Laken bij BrusselVincent ging weer bij zijn ouders in Etten wonen, waar op dat moment de Engelse dominee Thomas Slade-Jones bij zijn vader op bezoek was. Met z\u2019n drie\u00ebn reisden ze naar Brussel om leden van het protestantse Zendingscomit\u00e9 te bezoeken. Hij nam zich voor om in Laken een opleiding van drie maanden te volgen met als uiteindelijk doel zendeling c.q. evangelist te worden.augustus tot half november 1878 &#8211; een teleurstelling in het leven van VincentDe korte opleiding (drie maanden op proef) op de evangelistenschool van dominee Bokma bleek Vincent te bevallen en hij maakte hem ook helemaal af. Helaas zonder succes, zoals blijkt uit een brief aan zijn broer Theo. Vincent schrijft: &#8220;15 Nov. is gepasseerd dus zijn de 3 maanden verstreken. Sprak met Ds de Jonge &amp; met Meester Bokma, zij zeggen er is geen gelegenheid om op de school te zijn op de zelfde voorwaarden als zij aangeboren Vlamingen geven&#8221; (Bron: https:\/\/vangoghletters.org\/vg\/letters\/let148\/letter.html)Teleurgesteld reisde Vincent terug naar Etten.november en december 1878 &#8211; naar de BorinageNa een kort verblijf in Etten probeerde Vincent alsnog zijn roeping te volgen. Hij vertrok naar het dorpje P\u00e2turage in de Belgische mijnstreek Borinage, waar hij in december 1878 per trein arriveerde. De leef- en werkomstandigheden in deze streek waren erbarmelijk. Vincent bezocht er zieken en vertelde aan mijnwerkers verhalen uit de bijbel.januari tot juli 1879 &#8211; Wasmes, Belgi\u00ebVia de Brusselse evangelistenschool van dominee Pietersen kon Vincent in Wasmes (Borinage) een half jaar aan de slag als lekenpredikant. Zelf leefde hij net zo armoedig als de mijnwerkers. Hij gebruikte zijn vrije tijd om schetsen van de mijnwerkers te maken. Na een mijnexplosie verzorgde hij de gewonden, maar hij deed dat op een dermate overdreven zorgzame manier, dat de kerkelijke organisatie hem niet meer geloofde. In juli 1879 werd het contract van Vincent niet verlengd met als gevolg een oneervol ontslag.zomer 1879 &#8211; waterverf uit NederlandIn de zomer van 1879 kreeg Vincent een doos met waterverf opgestuurd door zijn vroegere chef Tersteeg bij Goupil &amp; Cie in Den Haag. Hieruit bleek dat beiden nog steeds contact met elkaar onderhielden. Eerder had hij een potloodtekening gemaakt van de cokesfabriek in Fl\u00e9nu. Deze tekening gaf hij nu kleur door hem met behulp van zijn waterverf-cadeau te bewerken.augustus 1879 tot februari 1880 &#8211; Cuesmes, Belgi\u00ebVincent besloot vanuit Wasmes de 80 kilometer naar Brussel te lopen. Hij bezocht daar dominee Pietersen van de evangelistenschool, aan wie Vincent zijn schetsen van de mijnwerkers liet zien. Kennelijk onder de indruk werd hij doorverwezen naar pastoor Frank in Cuesmes. Hij liep vervolgens terug naar de Borinage, opnieuw zo\u2019n 80 kilometer, nu naar Cuesmes. Daar zette hij zijn werk als lekenpredikant gratis en in grote armoede voort. Opnieuw tekende Vincent veel, maar in dezelfde periode begon hij ook belangstelling voor het schilderen te krijgen. Mogelijk ontstond die interesse door de waterverfdoos die hij in de zomer van 1879 cadeau had gekregen van de heer Tersteeg.begin november 1879 &#8211; Theo naar Goupil ParijsVincents broer Theo werd als kunsthandelaar van Goupil &amp; Cie te Den Haag, overgeplaatst naar het filiaal in Parijs.maart tot augustus 1880 &#8211; interesse om te schilderen groeitVanwege Vincents toenemende belangstelling voor schilderen, besloot hij om vanuit Cuesmes 70 kilometer naar het Noord-Franse Courri\u00e8res te lopen om de boerenschilder Jules Breton te bezoeken. Hij schaamde zich echter voor zijn onverzorgde uiterlijk en kleding, zodat hij niet durfde aan te kloppen. Vincent riep later de hulp van zijn broer Theo in Parijs in, aan wie hij zijn dilemma van \u201choe nu verder\u201d per brief voorlegde.augustus en september 1880 &#8211; Vincent wordt definitief kunstenaarDoor nog een poosje in de Borinage te blijven, begon Vincent steeds meer tekeningen te maken van mijnwerkers en hun dagelijkse activiteiten. Maar het echte werk ging pas van start toen Theo zijn broer vanuit Parijs aanmoedigde schilder te worden door reproducties van werken van o.a. Millet aan hem op te sturen. Hij leerde het vak zichzelf aan door andermans werk, zoals dat van Millet en Breton, over te tekenen of anderszins te kopi\u00ebren.oktober 1880 tot april 1881 &#8211; Brussel en Anton van RappardNa zijn beproevingen in de Borinage en met de nodige trauma\u2019s onder de leden, vertrok Vincent naar Brussel. Daar schreef hij zich in bij de kunstacademie, waar hij lessen perspectief en anatomie volgde. In november 1880 ontmoette hij via zijn broer Theo onder meer de vermogende kunstschilder Anton van Rappard, die van adellijke afkomst was. Tussen Vincent en hem zou zich spoedig een hechte vriendschap ontwikkelen. Begin 1881 werkte hij enige maanden in het Brusselse atelier van Van Rappard. Ondertussen stuurde Theo maandelijks schildersmaterialen naar zijn broer, plus een financi\u00eble toelage.april 1881 &#8211; Vincent naar EttenVincent trok vanuit Brussel weer in bij zijn ouders in Etten. De pastorie aldaar (het gebouw bestaat tegenwoordig niet meer) was ruim genoeg om een aantal gasten te herbergen. Zo kwam Theo op bezoek om met zijn broer over zijn schilderscarri\u00e8re te praten. Ook Anton van Rappard kwam er twee weken logeren. In deze periode bracht tevens de Geldropse kasteelheer Hubertus Paulus Hoevenaar een geheim bezoek aan de vader van Vincent, dominee Van Gogh.Gerelateerd: 24 mei 1881 &#8211; Kasteel GeldropOp 24 mei 1881 vond het huwelijk plaats van Arnaudina Hoevenaar (dochter van de Geldropse kasteelheer Hoevenaar) en Hendrik Nicolaas Cornelis van Tuyll van Serooskerken. De familie van Tuyll van Serooskerken, oorspronkelijk afkomstig uit Zeeland, was op dat moment al eigenaar van het kasteel in Heeze (ca. 5 km ten zuiden van Geldrop gelegen). Door dit ge\u00ebnsceneerde huwelijk werd de invloed van de familie uitgebreid naar Geldrop. In mysterietermen werden hiermee de kastelen van Geldrop en Heeze als het ware samengevoegd tot \u00e9\u00e9n geheel, met elkaar verbonden door de rivier de Kleine Dommel.Gerelateerd: 11 juli 1881 &#8211; Kasteel GeldropMelanie Hoevenaar, de stiefzus van kasteelheer Hoevenaar, kwam op 11 juli 1881 in Parijs te overlijden. Zij was 49 jaar eerder geboren in het Franse Sablonville.\u00a0zomer 1881 &#8211; Vincent opnieuw verliefdIn de zomer was een volgende deceptie op liefdesgebied voor Vincent aanstaande. Zijn nicht Cornelia (Kee) Adriana Vos-Stricker, logeerde enige tijd in de pastorie, samen met haar zoon Jantje. Een kleine drie jaar daarvoor, in oktober 1878, was haar man Christoffel Martinus Vos, op 37-jarige leeftijd overleden. Net zo oud dus als Vincent in 1890 zou worden. Kee en Jantje gingen regelmatig mee met Vincent het veld in en jawel, hij werd verliefd op haar.zomer 1881 &#8211; Vincents derde huwelijksaanzoekDe liefde van Vincent voor Kee Vos was dermate sterk, dat hij haar ten huwelijk vroeg. Kee was echter nog niet over het verlies van haar man heen en wees het aanzoek daarom krachtig af met \u201cneen, nooit, nimmer.\u201d Vincent toonde zich echter vasthoudend en deed veel moeite om te proberen haar van gedachten te doen veranderen. De beide families vonden het maar niets, zij zagen niets in een huwelijk. Dat veranderde echter niets aan Vincents gevoelens voor Kee.oktober 1881 &#8211; door het vuurEind oktober ging Vincent naar Amsterdam om Kee thuis op te zoeken. Hij mocht haar echter niet zien en haar vader trachtte Vincent ervan te overtuigen om haar uit zijn hoofd te zetten. Hij toonde aan dat hij het meende met Kee door zijn linkerhand enige tijd in een kaarsvlam te houden. Het mocht allemaal niet baten, want in de drie dagen dat Vincent in Amsterdam was, kreeg hij haar niet te zien. Hij keerde teleurgesteld terug naar Etten.december 1881 &#8211; Den HaagVincent ging vanuit Etten enkele weken naar naar Den Haag om les te nemen bij zijn aangetrouwde neef Anton Mauve. Die had zich al gevestigd als bekende schilder van de Haagse School. Hij ontmoette in die tijd ook Georg Hendrik Breitner en andere schilders, waarmee hij de basis van zijn carri\u00e8re verstevigde. Anton Mauve had grote invloed op Vincent, met name omdat Mauve zich toelegde op het schilderen van gewone mensen. Mauve\u2019s onderwerpen als spitters, boeren, houtverzamelaars en aardappeleters spraken Vincent erg aan, want later zou hij die zelf gaan schilderen.Kerst 1881 &#8211; ruzie in de pastorieIntussen kon Vincent zijn geliefde Kee nog steeds niet uit zijn hoofd zetten, wat met Kerstmis resulteerde in een felle ruzie met zijn vader. Een week lang twistten de koppige vader en de niet minder koppige zoon met elkaar, tot Vincent met Oudjaar uiteindelijk boos de pastorie in Etten verliet. Hij zou daar niet meer terugkomen, maar het had wel impact gehad op zijn leven en op dat van zijn vader.januari 1882 &#8211; Sien HoornikVincent reisde naar Den Haag, waar hij in de buurt van Anton Mauve ging wonen. Mauve leende hem wat geld en bleef hem helpen bij het schilderen. Ook van Theo bleef Vincent een toelage ontvangen. In deze maand ontmoette hij Sien Hoornik, die zwanger op straat rondzwierf en wat verdiende als prostituee. Vincent trok zich haar situatie aan. Zij mocht voor hem poseren en deed voor hem het huishouden. Zij woonde in bij Vincent, samen met haar vijfjarig dochtertje Maria. Het duurde niet lang of Vincent en Sien kregen een relatie.februari\/maart 1882 &#8211; opdracht voor VincentHet norse karakter van Vincent veroorzaakte spanningen met andere schilders. Ook de verstandhouding met Mauve verslechterde, hoewel Vincent hem bleef bewonderen vanwege zijn werk. Vincents oom Cor had in Amsterdam een kunsthandel en boekwinkel aan de Keizersgracht 453. Deze oom gaf Vincent een opdracht voor tweemaal tien pentekeningen, oftewel twintig stadsgezichten van Den Haag. Wellicht uit dank hiervoor nam Vincent het adres van de boekhandel van zijn oom meerdere keren in code mee in zijn tekeningen en schilderijen.juni 1882 &#8211; in het ziekenhuis in Den HaagIn juni verbleef Vincent drie weken in het ziekenhuis om te worden behandeld tegen gonorroe. Hij had deze geslachtsziekte kennelijk opgelopen via Sien. Hij wilde met haar trouwen, maar de wederzijdse familie was daar tegen. Vincents vader kwam hem bezoeken in het ziekenhuis en probeerde zijn zoon op andere gedachten te brengen. Zijn voormalige chef van Goupil &amp; Cie te Den Haag, Tersteeg, probeerde hetzelfde. Toen dat niet lukte, verbrak hij het contact met zijn vroegere ondergeschikte.juli 1882 tot september 1883 &#8211; samenwonen met Sien en kinderenOp 2 juli 1882 beviel Sien van haar zoon Willem. Vincent, inmiddels uit het ziekenhuis, woonde nu samen met Sien en haar twee kinderen. Terwijl de weerstand tegen deze verhouding binnen de wederzijdse familie groeide, bleken ook de karakters van Sien en Vincent met elkaar te botsen. Ondertussen herstelde zich de relatie met Mauve en liet Vincent zich ook be\u00efnvloeden door schilders als Eug\u00e8ne Delacroix en Millet.Halverwege deze periode maakte Vincent zijn eerste olieverf-schilderij: &#8220;Zeegezicht bij Scheveningen&#8221;. Dit schilderij kan als eerste in de rij van gecodeerde werken worden gezien. Het stormachtige tafereel aan de kust verwijst zowel naar Zeeland als naar het geheim van Vincent. Hier moet dus al een plan hebben bestaan met betrekking tot het verwerken van bepaalde codes in de werken van Vincent.Saillant detail: het schilderij &#8220;Zeegezicht bij Scheveningen&#8221; werd in 2002 gestolen uit het Van Goghmuseum in Amsterdam en 13 jaar later teruggevonden bij de Italiaanse maffia in Napels.Door gesprekken met zijn broer Theo kwam Vincent tenslotte tot het inzicht dat het gezinsleven niet te verenigen viel met zijn artistieke loopbaan. Hij besloot Sien daarom te verlaten, een keerpunt in het leven van Vincent van toen. Kort na zijn vertrek trok Sien in bij haar moeder in de Bagijnestraat, in die tijd de rosse buurt van Den Haag.augustus 1882 &#8211; vader Van Gogh dominee in NuenenTheodorus van Gogh, de vader van Vincent, werd in augustus 1882 beroepen tot dominee in het Brabantse dorp Nuenen. Hij had daarvoor een relatief zware sollicitatieprocedure doorlopen, waarbij de kasteelheer van Geldrop, Hubertus Paulus Hoevenaar, het laatste woord had. Hoevenaar had in Geldrop op het toenmalige kasteelterrein een protestants kerkje laten bouwen, waar de Nuenense dominee ook moest komen preken. Dat betekende dat vader Van Gogh akkoord moest gaan met het regelmatig \u2013 meestal lopend \u2013 afleggen van grote afstanden op \u00e9\u00e9n dag.V\u00f3\u00f3r Theodorus van Gogh waren er al meerdere sollicitanten geweest, die hetzij werden afgewezen, hetzij zichzelf hadden terugtrokken. Nu Van Gogh ook in Geldrop kwam preken, had kasteelheer Hoevenaar zijn doel bereikt. Het opende voor hem de weg om (via Vincent) aanwijzingen naar een groot geheim in schilderijen te laten coderen. Mogelijk werden bepaalde codes achteraf in &#8220;Zeegezicht bij Scheveningen&#8221; aangebracht (zie periode hiervoor).Hieronder een later schilderij van Vincent van de pastorie in Nuenen:september 1883 &#8211; HoogeveenOp 11 september 1883 reisde Vincent per trein van Den Haag naar Hoogeveen. Hij logeerde daar drie weken in het logement van de heer Hartsuiker. Hoewel Vincent bijvoorbeeld het dorp Zweeloo bezocht, bleek al snel dat zijn voorkeur uitging naar de veengebieden in het zuidoosten van Drenthe. De vervening van dit gebied (en gebieden in Overijssel, waaronder Ruitenveen) was een initiatief van Mr. Willem Jan baron van Dedem (1776-1851). Bijna twee jaar later zou Vincent dit gegeven coderen in zijn werk &#8220;De Aardappeleters&#8221;.oktober tot december 1883 &#8211; Nieuw-AmsterdamIn Nieuw-Amsterdam logeerde Vincent in het logement van Hendrik Scholte. Hij verplaatste zich lopend en per trekschuit. Het harde leven van de boeren in en rond het veen sprak hem als kunstenaar enorm aan. Wat hij in Drenthe zag en meemaakte, vermengd met de eerdere lessen van Mauve, zou zich later vertalen in werken als onder andere &#8220;De Aardappeleters&#8221;. Vincent schilderde en tekende er in Zuidoost Drenthe op los, maar op zeker moment kreeg de eenzaamheid grote vat op hem. Hij besloot Drenthe de rug toe te keren en naar zijn ouders in Nuenen te gaan. Ondanks de bekoelde verhouding had Vincents vader hem af en toe wat geld gestuurd, net als Theo nog steeds deed. Op 4 december 1883 liep Vincent naar Hoogeveen, waar hij een dag later de trein naar Nuenen nam.december 1883 &#8211; Kerstmis in NuenenOp 5 december 1883 aangekomen in Nuenen ontmoette Vincent zijn ouders en zijn bij hen inwonende broer en zus Cor en Willemien. Om orde op zaken te stellen ging Vincent naar Den Haag om er achtergebleven spullen op te halen. Hij nam daar ook definitief afscheid van Sien. Op 25 december, eerste kerstdag, trok Vincent bij zijn ouders in.begin december 1883 &#8211; het eerste atelier in het leven van VincentDe slechte uiterlijke verzorging en kledingstijl van Vincent kon niemand bekoren, maar zijn ouders zeiden er niets van om hun zoon een kans te geven. In een bijgebouw van de pastorie aan de Berg in Nuenen boden zij Vincent cynisch hun washok aan als ruimte voor een atelier. Daar maakte hij evenwel dankbaar gebruik van en hij begon er meteen met tekenen en schilderen. In zijn latere werk &#8220;Stilleven met bijbel&#8221; zou hij in code teruggrijpen op deze situatie.half december 1883 &#8211; de eerste codes van VincentKoud in Nuenen aangekomen, liep Vincent in de sneeuw naar de Clemenskerk in Gerwen en maakte daar een pentekening van. Het werk vol raadselachtigheden resulteerde in de pentekening \u201cLandschap met kerk\u201d. Het was het eerste werk van Vincent waarin zijn geheime codes heel duidelijk naar voren kwamen. Het artikel hierover kan op deze website worden gelezen.tot slot &#8211; voorlopig eind tijdlijn over het leven (30 jaar) van VincentErgens in de tijdlijn tot op dit moment (tussen oktober 1880 en half december 1883) is Vincent in aanraking gekomen met personen die iets wisten van het geheim in de buurt van Geldrop. Nadat hij kunstenaar was geworden, ging Vincent er kennelijk mee akkoord om in bepaalde schilderijen en tekeningen in code naar een verborgen locatie te verwijzen. Vincents laatste schilderij met codes gericht op Brabant, was \u201cBoomwortels\u201d. Dat werk maakte hij kort voor zijn dood (eind juli 1890) in het Noord-Franse dorp Auvers-sur-Oise.Deze tijdlijn loopt vanaf dit punt niet verder. Het voortdurende onderzoek richt zich thans zich op het analyseren van geografische co\u00f6rdinaten die Vincent in enkele van zijn werken achterliet.&nbsp;&nbsp;"},{"@context":"https:\/\/schema.org\/","@type":"BreadcrumbList","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"De levensloop van Vincent (van 1853 tot 1883)","item":"https:\/\/janbakkerwebteksten.eu\/de-levensloop-van-vincent\/#breadcrumbitem"}]}]